Home Financieel 2018: wat zijn de voornaamste belastingwijzigingen?

2018: wat zijn de voornaamste belastingwijzigingen?

162
DELEN

De kerstboom staat opnieuw op zolder en het vuurwerk wist het nieuwe jaar in te knallen. Na het eerste plezier en de eerste kater van het jaar komen we echter opnieuw tot de orde van de dag. Het nieuwe jaar is er één boordevol veranderingen. Niet alleen hebben wij goede voornemens en willen we van onze zaak een nog groter succes maken, bovendien zat ook de wetgever niet stil. Wij gingen op zoek naar de voornaamste belastingwijzigingen die 2018 typeren.

Personeel? Wijzigingen in loonbelasting 2018

Inzake de loonbelasting zijn er drie grote wijzigingen te noteren voor 2018: de werkkostenregeling, het privégebruik van de wagen en de pensioenrichtleeftijd. Niet onbelangrijk om het loon en de bijhorende belastingen te optimaliseren.

In de eerste plaats zal de vrije ruimte ongewijzigd blijven (1,2%), maar gelden wel andere normbedragen. In het geval van huisvesting en inwoning geldt nu een normbedrag van € 5,55 / dag, terwijl voor een maaltijd in een bedrijfskantine het normbedrag nu € 3,55 / maaltijd zal bedragen. De wijziging in het normbedrag impliceert dat het personeel minimaal € 3,55 zelf moet betalen voor zijn lunch zonder bijkomstig zakelijk karakter. Dat is een toename van ongeveer 15% ten opzichte van 2011. Het valt aan te raden om de actuele normbedragen te raadplegen en tijdig af te stemmen met de belastingdienst. Ook de vrije vergoeding per kilometer, het normbedrag voor de verhuiskosten en het normbedrag voor de ziekenkostenregeling werden gepubliceerd in de meest recente nieuwsbrief van de Belastingdienst.

Wat betreft het privégebruik van de auto en de bijtelling geldt een bijtelling van 4% voor wagens zonder CO2-uitstoot en 22% in de andere gevallen. De percentages die in 2017 werden geïntroduceerd blijven met andere woorden onveranderd. Vroeger golden verlaagde percentages in functie van uitstootgrenzen. Deze verlaagde percentages blijven gedurende maximaal 60 maanden gelden. De datum van afgifte van het kenteken is bepalend voor de bepaling van de bijtelling auto van de zaak.

Verder is ook de pensioenrichtleeftijd opgetrokken naar 68 jaar. Vooral in het kader van de toegelaten opbouwpercentages voor premieregelingen, is die optrekking belangrijk. Hiernaast is er ook een verhoging van de AOW-leeftijd met drie maanden, wat gevolgen kan hebben voor de ouderenkorting.

Wijziging inkomstenbelasting 2018 als zzp’er

Als zzp’er houdt de inkomstenbelasting verband met de gerealiseerde winst. Er wordt nog steeds gewerkt met behulp van verschillende schijven (schijf 1: tot € 20.142, schijf 2 en 3: € 20.142 – € 68.507 en schijf 4: het gedeelte boven € 68.507) en oplopende belastingpercentages (respectievelijk: 36,55%, 40.85% en 51,95%). Het gaat om een stijging van 0,05% in de tweede en derde schijf en een daling van 0,05% in de vierde schijf.

Verder werden diverse grensbedragen opgetrokken. Zo ligt het belastingvrije inkomen van een zzp’er die niet aan het urencriterium voldoet hoger dan in 2017 (€ 7.634 t.o.v. € 7.599). Ook voor zij die wel aan het urencriterium voldoen is het bedrag voor de zelfstandigenaftrek gevoelig hoger komen te liggen (€ 24.215 t.o.v. €24.107). Dankzij de ondernemersfaciliteiten zal een zzp’er nog steeds minder belasting betalen dan een werknemer in loondienst. De vraag rest natuurlijk of dat geen heikele situatie vormt waar ook de afschaffing van het VAR-systeem weinig aan zal kunnen doen.

Wijziging woningforfait 2018

Sommige ondernemers wonen in een woning die onderdeel uitmaakt van het zakelijk vermogen. Het kan bijvoorbeeld gaan om een woning aanpalend aan een magazijn. Als ondernemer moet je in dat geval het belastbare inkomen fictief verhogen. Dit woningforfait wordt in 2018 gewijzigd.

De gehanteerde grenzen voor de woningwaarde blijven in 2018 ongewijzigd ten opzichte van 2017. De wetgever sleutelde echter wel aan de percentages van het woningforfait.

Voor de schijf tot € 12.500 geldt een verlaging van het woningforfait met 0,05%, terwijl er voor de tweede, derde en vierde grens een verlaging van 0,1% wordt gehanteerd. Wat betreft de waarde tussen € 75.000 en € 1.060.000 geldt een verlaging van 0,05%.

Opgelet: betrek je maar een bepaalde periode van het jaar de woning? Dan moet je enkel voor die periode de woningforfait berekenen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here